
Ton van der
Werf
“Schilderen als een kamikaze
piloot, alsof je op het doek te pletter
slaat”
Waar kunstenaars tijdens de fotosessie meestal
voorzichtig met een penseeltje over hun nieuwste doek
strijken, knijpt Ton van der Werf een halve tube gele
verf leeg in de palm van zijn hand en smeert het
onberispelijk op het canvas. “Je moet schilderen als
een kamikaze piloot, alsof je te pletter slaat op het
doek”. Zijn helblauwe pretogen schitteren bij het
vertellen van zijn levensverhaal: “Het was door
Carnaval dat ik uiteindelijk in het zuiden bleef
hangen”.
“Ik ben op mijn zesde begonnen met schilderen”. Zijn
ouders waren ‘absoluut tegen’ maar geïnspireerd door
twee lokale kunstenaars koos hij voor het vak waar
zijn hart lag. Zonder Havo diploma werd Ton echter
niet toegelaten op de kunstacademie in Utrecht. Hij
ging toch naar de introductieweek, deed alsof zijn
neus bloedde en volgde autonoom de lessen. “Ik heb me
er inderdaad binnen gebluft, zo zou je kunnen
zeggen”. De schoolinspecteur gooide een jaar later
alsnog roet in het eten: “Jij hoort hier eigenlijk
helemaal niet”. Het liep uit tot een kleine rel. “Ik
ben altijd een vrijheidsstrijder geweest (…) je moet
datgene waarmaken waarin je gelooft”. Linksom of
rechtsom, hij zou schilder wezen en daarin succesvol
zijn.
“Ik ben autodidact geworden”, de vele reizen die hij
maakte bleken een grote inspiratiebron voor zijn
werk. India, Marokko, Mexico en Cuba: prachtige
landschappen, verhalen en rituelen. Maar ook
corruptie en armoede. De sfeer van zijn reizen en
avontuur komt terug in zijn grote doeken: vensters
die uitblikken op vrijheid, melancholie en
herinnering. In Mexico deed hij een fresco studie, in
het gastvrije Marokko haalt hij zijn pigmenten, hij
zag lijkenverbrandingen in de Ganges en in Cuba
ervoer hij de feestelijke mix van salsa, oude auto’s
en rum. En elk land legde hij vast op doek.
Momenteel werkt hij misschien wel in het mooiste
atelier van Maastricht, pal naast het
jeugddetentiecentrum aan de rand van de stad.
Enerzijds kijkt hij uit op het Savelsebos, de
fruitbomen en de grazende koeien, anderzijds op de
skyline van Maastricht. In de jaren ‘80 zwierf hij
een tijdje in Puth en ontdekte Carnaval. In de oude
kroegen verbond hij zich al snel met de Limburgse
scène, participeerde mee met de galerie 42 m2 en
heeft altijd van zijn kunst kunnen leven. Hoewel het
met de kunstmarkt momenteel erg slecht gaat, is Ton
altijd op zoek naar nieuwe mogelijkheden. Hij betaalt
de huur met doeken en gaat de moeilijke jongeren die
hier vastzitten schilderlessen aanbieden. Hij veegt
zijn handen af aan een oude doek, steekt een
sigaretje op en vraagt geïnteresseerd wat wij
allemaal doen.
Voor meer
informatie over zijn werk, kijk ook op zijn
eigen website.
Fotografie: Mara
Berkhout, www.maraberkhout.tk
Tekst: Jan Smeets, www.smeetstekst.nl
Klik hier om de andere kunstenaarsprofielen
ook te bekijken.